10 artikelen uit het clubblad van November 2019

Terug naar overzicht

Van het bestuur

tww november 2019
Door: Theo van Eijden

Brouwseizoen

De R zit in de maand en dan is het brouwseizoen is weer in volle hevigheid losgebarsten. Met de buitentemperaturen van nu is de vergisting beter in de hand te houden als je niet over een klimaatkast beschikt. Zelf ben ik gestart met de zoektocht naar een perfecte Helles. Dat is een bier dat ik afgelopen zomer in Beieren aan de rand van de  Chiemsee tegen het lijf gelopen ben en ik moet zeggen het was liefde op het eerste gezicht … Een ondergistend bier dat erg schoon van smaak is met een fijn hoparoma en iets kruidigheid van de hop. De brouwerij staat in Rosenheim am Inn en produceert maar twee typen bier, de eerder genoemde Helles van 4,8% en een Export van 5,6%.  Na twee redelijk gelukte brouwsels moet ik zeggen dat het nog steeds niet meevalt om de kwaliteit van een dergelijk bier te evenaren. Ik ben inmiddels van mening dat als je dit kan brouwen, je mag zeggen dat je een goede brouwer bent. Onze oosterburen omschrijven het als volgt: Chiemseer Hell - ist charaktervoll und ein typisches bayerisches Helles. Es ist hellgelb in der Farbe, frisch, süffig und angenehm mild im Geschmack.  Op de planning staat nu inmiddels  nummer drie van deze serie. Leuk is wel om ieder brouwsel een kleine verbetering te doen aan de hand van de ervaring van de vorige. Dit is natuurlijk ook de enige manier om het proces goed onder de knie te krijgen, alleen heb ik mijzelf daar nooit de tijd voor gegeven. Zodra de resultaten goed genoeg zijn zal ik jullie hier deelgenoot van maken.

Clubkampioenschappen

Ook andere resultaten zullen we nog even op zich laten wachten en dat is de brouwer wiens bier tijdens de clubavond van oktober als beste van 2019 uit de bus komt. We moeten nog even geduld hebben, de prijsuitreiking is tijdens de avond van 14 december. Voor de proeverij waren ongeveer 45 leden aanwezig. Daarmee waren alle tafels bezet en had niet iedereen de verplichting deel te nemen aan deze proeverij. Ook dit jaar zijn er weer een groot aantal bieren ingezonden, zodat niet alles gekeurd kon worden. Een deel van de bieren zal door de keurmeesters thuis verder worden beoordeeld en gekeurd. Omdat er veel bieren gekeurd werden was er geen tijd voor het bier van de maand  dat Ton Westerveld had ingebracht. Wel een beetje jammer want hij had speciaal voor Halloween een Pumkin ale gemaakt. Zijn bier schuift door naar de clubavond van november.

Hop

De nieuwste ontwikkelingen op hopgebied zijn nog steeds niet ten einde. Zo zijn er o.a. de hopextracten en de wethops niets is gek genoeg. Wethops maken het mogelijk het hele jaar door bier te brouwen met hop alsof deze vers geoogste is. Carel Krol van het Hollands Hophuis heeft deze techniek mede ontwikkeld en gaat ons daar tijdens de avond van 22 november meer over vertellen. We zullen daarbij een bier proeven dat met wethop is gebrouwen en een voorbeeldrecept bespreken.  Mogelijk raak je enthousiast van deze hoptechniek en wil je er zelf mee aan de slag.

Terug naar overzicht

Van de inkoopcommissie, november 2019

tww november 2019
Door: Michael Woolthuis

Het recept van november is een hele fijne Scottish ale. Als je deze gewoon zoals aangeven brouwt dan krijg je een ontzettend lekker bier waarvan achteraf blijkt dat je toch weer te weinig hebt gebrouwen. Mocht je van experimenteren houden dan kan dat ook prima met dit bier omdat het van zichzelf geen overheersende smaak of aroma heeft.

Je kan hier dus prima wat kruiden toevoegen of een nahop uitproberen met wat rondslingerende hop die je per ongeluk nog hebt liggen. Een tikkeltje laurier, een enkel steranijsje of een stukje zoethout kan heel goed. Of allemaal tegelijk natuurlijk. Houtsnippers raad ik niet aan omdat dit bier maar ongeveer 5% alcohol bevat en dan kunnen houtsnippers nog wel eens rare dingen doen.  Pas wel erg op want sommige smaken gaan in dit bier wel snel overheersen.

Voor de komende tijd staan de volgende recepten op het programma:

November:

AlmostScottish

December:

This porter is brown

Januari:

BengaLPA

Februari:

borisjohnsonfarewellbarleywine

Bestellen gaat als volgt: log in op de site en kijk onder het menu ‘Voor Leden’ en kies dan voor ‘Pakket van de maand’. Betalen voor het pakket kan dan vervolgens via iDeal. De levering door Brouwmaatje geschiedt dan op de aangegeven clubavond.

Groeten,
Michael

PS

Recept voor december: This porter is brown.

Beschrijving: Bier 6 uit de Brexit reeks.

Receptgegevens

batchgrootte:

10 l.

kooktijd:

90 min.

alcoholpercentage:

5.0 %

begin-SG:

1.051

eind-SG:

1.013

EBC (kleur):

86.0

EBU (bitterheid):

31.0

Brouwhuisefficiëntie:

75 %

Ingrediënten

ingrediënt

hoeveelheid

kooktijd

waarde

bijzonderheden

Palemout (7 EBC)

2000 gr

 

7 EBC

 

Cara Munichmout (120 EBC)

240 gr

 

120 EBC

 

Chocolade Tarwemout 900-1200EBC

110 gr

 

900 EBC

Leverancier: Weyerman

Maischwater

9.6 ltr

 

 

Leverancier: Kraan

Spoelwater

8.3 ltr

 

 

Leverancier: Kraan

Northern Brewer

14 gr

90 min.

9 α

Bloemen  

Lallemand London ESB 

1

 

 

Leverancier: Lallemand

Bottelsuiker

3 gr/ltr

 

 

 

Maischschema

71 °C

67 °C

78 °C

Stort min.

60 min.

2 min.

Opmerkingen van de brouwer

Voor een meer Europese hoeveelheid koolzuur moet je ongeveer 5 á 6 gr bottel suiker per liter toevoegen.

Terug naar overzicht

In the beginning … 't Wort Wat!

tww november 2019
Door: Jan Wurpel

Het is middag bij de Luchtverkeersleiding op Schiphol als ik word gebeld door mijn echtgenote Wilma. ‘Heb je zin om mee te doen met een cursus bierbrouwen’, vraagt ze mij. Ik antwoord van ja, ‘maar hoezo een cursus bierbrouwen’? ‘Theo van de Voorde gaat hier voor belangstellenden een cursus proberen te geven’, antwoordt zij. Eén of twee avonden theorie en dan proberen we hier bier te maken. ‘Ans en Vera doen ook mee’. ‘Nou, dat lijkt me wel leuk’, antwoord ik. ‘Schrijf me maar in’.

Een paar dagen later krijg ik een pakketje met ingebonden blaadjes waarin de theorie van het bierbrouwen voor amateurbierbrouwers wordt uitgelegd. Theo had zelf een cursus bierbrouwen gevolgd, nadat hij was gestopt met het maken van wijn. Het pakket aan theorie zag er nog wat pover uit, maar dat kon ook niet anders met de middelen die een amateurbrouwer toen ter beschikking stonden.

Nu kon ik niet op alle theoriebijeenkomsten aanwezig zijn, maar dat mocht de pret niet drukken. In die tijd vertoefde ik voor mijn werk bij de Luchtverkeersleiding redelijk veel in het buitenland. Ook toen. Ik moest voor een paar dagen naar Duitsland, ja, het land van de lagerbieren en het Reinheitsgebot! Maar wat doe je op de avonden als je klaar bent met werken en het nog te vroeg is om te gaan eten en stappen? Jullie raden het zeker wel. Ja, de theorie over het brouwen van bier gaan lezen! Het ging over het schroten van mout, de kafjes heel zien te houden, het maischen en het filteren m.b.v. twee emmers, waarvan er één geen bodem had, en waar tussen die twee emmers horrengaas gespannen was, om zo een filter te creëren. Het vergisten, met toen verkrijgbare gist (één a twee soorten) behoefde ook de nodige uitleg. Ja, het amateurbierbrouwen stond 25 jaar geleden eigenlijk nog wel in de kinderschoenen vergeleken met vandaag.
 
Theo werkte 25 jaar geleden als chef-verkeersleider op Schiphol. Zoals al eerder aangehaald, was hij begonnen met het maken van wijn. Op een gegeven moment werd zijn interesse gewekt voor het brouwen van bier. In die tijd werd hij lid van een bierbrouwersvereniging in Tilbug. ‘De Roerstok’, om precies te zijn. Tilburg is vanuit Hoofddorp, waar Theo woont, best wel een eind reizen, en Theo miste wat brouwers in zijn omgeving. Hij was de mening toegedaan dat je de kunst van het zelf bier brouwen ook op anderen kan overdragen. En dus besloot Theo daarom zelf cursussen bierbrouwen te gaan geven, ook in de hoop om wat meer brouwers (en kennis) om zich heen te verzamelen.

Voor het eerst brouwen

Nu, de eerste cursus was, zoals eerder vermeld, op Schiphol. Ja, op Schiphol-Centrum, achtste verdieping van het gebouw waarin de verkeersleiding gevestigd was, aangrenzend aan het drukke platform, vol met aankomende en vertrekkende vliegtuigen. De theorielessen waren reeds gegeven, toen we op een zaterdag met zo'n 8 personen in de keuken van het toenmalige bedrijfsrestaurant, toen meer een kantine, aan de slag gingen. Er werden twee bieren gemaakt. Ik weet niet precies meer welke twee, maar één werd een ‘Paasei’ genoemd. Het was een kruising tussen een tripel en een lentebok, en ik weet nog wel dat er gierst in verwerkt werd. Ik heb nooit begrepen waarom er gierst in dat bier moest worden verwerkt. Gierst is vogelvoer, en ik ben er nooit beter van gaan zingen. Er werd met de hand geschroot op de inmiddels klassieke Tsjechische schrootmolen, die toentertijd heel gangbaar was. Theo inspecteerde of het schroten wel goed ging. Niet te fijn en ook weer niet te grof, maar vooral de kafjes heel houden, zo leerden we direct. Dan het maischen, filteren, het wort koken met de hop, filteren en koelen, en dan het verkregen wort op glazen mandflessen zetten. Daarna de toverkorreltjes (gist van Boots) toevoegen. Die toverkorreltjes, de gist in droge vorm, zouden het wort moeten omzetten in jongbier. Ja, toen leerde je al dat de brouwers het wort maken, maar dat de gist, mits goed behandeld, het bier maakt. In de namiddag zat het brouwproces er voor die dag op. Nu het bier donker wegzetten in een kleine donkere ruimte en daarna alles weer goed schoonmaken, waarna er door de mannen een biertje gedronken werd.

Voor het eerst bottelen en proeven

Na een week of drie gingen we het inmiddels gefermenteerde bier in flesjes doen, en aan elk fles moest nog een theelepeltje suiker worden toegevoegd. Dat was om het bier van het nodige koolzuur te voorzien tijdens het nagisten op fles. Dan de dop erop en weer twee weken wachten.

Dan het proeven van ons brouwsel, ja wat een ervaring. We hadden zelf bier gemaakt, en ik was direct geïnfecteerd door dit proces. Ik wilde hiermee wel verder gaan.

Na de eerste schreden

De contacten met Theo werden wat intensiever daar bij de verkeersleiding en op een gegeven moment heb ik wat spulletjes aangeschaft op aangeven van Theo. Een 16 liter emaillen pan laten scoren op de Albert Cuyp-markt in Amsterdam. Wat plastic emmers en horrengaas omgetoverd tot filterkuip. Een houten roerspaan en wat slangen aangeschaft, en ja, het begin was er nu. Ik heb eerst twee keer een bier gemaakt vanuit blik waarin kant en klare moutsiroop verpakt was. Die blikken had ik gekocht bij een drogist/reformwinkel in Beverlo (België), waar ik met Theo naartoe gereisd was. Deze drogisterij van vader Balis was al redelijk gespecialiseerd in artikelen t.b.v. bierbrouwen, wijnmaken en inmaken van vruchten. Het was de voorloper van het huidige ‘Brouwland’. Het brouwen met blikken was bedoeld om eerst het hygiënisch werken onder de knie te krijgen. Maar al gauw werd het volmout bier. Een tripel was het eerste volmout bier dat ik zelfstandig gebrouwen heb. 

De Roerstok te Tilburg

Theo was in die tijd lid van ‘de Roerstok’, gevestigd in Tilburg. Ik ben daar toen ook lid van geworden, en mijn eerste activiteit met ‘de Roerstok’ was een excursie naar de brouwerij van Heineken in 's-Hertogenbosch. Daar brouwde Heineken al haar speciaalbieren, zoals Kylian, dat toen redelijk gangbaar was. Verder konden we via deze vereniging ook aan ingrediënten en materiaal komen via hun huisleverancier ‘Bertje’. Ja, voortaan zouden we samen naar de clubavonden in Tilburg gaan.

De reizen naar Tilburg, elke maand, vergden redelijk veel reistijd en de winter was het toch soms wel wat lastig rijden met mist en gladheid. Theo was inmiddels begonnen met het geven van cursussen voor belangstellen buiten het vertrouwde gebouw van de verkeersleiding op Schiphol. In Amstelveen en Hoofddorp heeft hij diverse cursussen gegeven. Op een gegeven moment reden we weer naar Tilburg, toen Theo mij vertelde eraan te denken om zelf in onze regio een vereniging op te gaan richten. Het elke maand rijden naar Tilburg werd toch wel wat veel, vooral in de winter, en met een eigen vereniging in de buurt zou dat reizen een heel stuk minder worden. Helemaal nu er een aantal cursisten enthousiast geworden was en verder met het brouwen van bier wilde. Ik heb Theo toen beloofd om hem hierin actief te gaan steunen.

Op zoek naar geïnteresseerden

Nu was het zaak op zoek te gaan naar geïnteresseerden in de regio Haarlemmermeer en omstreken. Theo heeft toen alle mensen die zijn brouwcursussen gevolgd hebben benaderd om te vragen of zij een amateurbierbrouwersvereniging in de regio zagen zitten. De reacties waren overweldigend. Er waren naar onze mening nu (beginnende) amateurbrouwers genoeg om een vereniging op te zetten. We hebben toen veel gehad aan ‘de Roerstok’, welke vereniging model gestaan heeft voor de nieuw op te richten vereniging. We hebben toen de statuten van ‘de Roerstok’ uitgebreid bestudeerd en datgene overgenomen wat we in een eigen nieuwe vereniging konden gebruiken. Maar goed, een verzameling enthousiaste brouwers is nog niet voldoende om een vereniging met structuur werkend te krijgen. Er moesten commissies gevormd worden die zich bezig moesten houden met essentiële activiteiten waarop zo'n vereniging drijft.

Wat hebben we als verzameling brouwers nodig? Ingrediënten! Die kon je individueel wel kopen, maar de leveranciers toentertijd waren niet in de buurt gehuisvest en voerden toen nog geen uitgebreid gamma aan ingrediënten en brouwmaterialen zoals we die tegenwoordig kunnen verkrijgen. De eerdergenoemde ‘Bertje’ in Tilburg en ‘Riet Beijer’ in Soest waren de toen gangbare leveranciers. En dan nog in België de voorloper van ‘Brouwland’. Dus er moest een commissie komen die zich bezig moest gaan houden met het inkopen van ingrediënten en brouwgereedschappen voor de brouwende leden.

Dan moest er nog gezocht worden naar een onderkomen waar we maandelijks bij elkaar konden komen, wat dan onze clubavonden zouden moeten worden. Theo en ik zijn diverse locaties in de Haarlemmermeer afgegaan om te kijken of er een clubhuis te vinden was dat in staat was een groep amateurbrouwers maandelijks te accommoderen en, niet onbelangrijk, waar ook bier geschonken mocht worden. We hebben heel wat buurtcentra bezocht in die tijd. Uiteindelijk zijn we uitgekomen bij het wijkcentrum ‘de Boerderij’ in Hoofddorp, met Steffie als beheerder en uitbater. In dit wijkcentrum zitten we nu 25 jaar later nog, maar nu al weer jaren onder de bezielende begeleiding van John Gouwerok.

Verder moest er gecommuniceerd worden met de toekomstige leden van zo'n vereniging. Nu was de techniek en het internet nog niet zo ver dat dat als standaard medium voor communicatie gebruikt kon worden. En dus moest er een clubblad komen waarvoor een clubbladcommissie moest worden gezocht. Als vereniging van brouwers wil je ook graag jaarlijks een kampioenschap organiseren om de leden de gelegenheid te geven met elkaar te wedijveren met de eigen gebrouwen bieren. Dus ook een wedstrijdcommissie moest er komen. Tevens werd er nog een ‘Activiteitencommissie’ in het leven geroepen, om activiteiten buiten de reguliere clubavonden te organiseren, waaronder ook excursies naar binnen- en buitenlandse brouwerijen.

De vorming van een voorlopig bestuur

Inmiddels werd er gewerkt aan de concept-statuten waarmee de toekomstige vereniging vormgegeven moest worden. Ook de vorming van een bestuur was daarbij noodzakelijk. In ieder geval een voorlopig bestuur dat de nieuwe vereniging op weg moest helpen. Theo had onder de geïnteresseerden gepeild wie er eventueel actief deel wilde uitmaken van een voorlopig bestuur en de diverse commissies. Op een gegeven moment kwamen er bij mij thuis zo'n 12 à 15 mensen met het doel om de vereniging qua bemensing daadwerkelijk invulling te gaan geven. Dit was feitelijk de oprichtingsvergadering van de nieuwe vereniging. Er werd een voorlopig bestuur gevormd van 7 personen. Theo van de Voorde als voorzitter, Jan Wurpel als secretaris, Paul Netten als penningmeester en Luuk Besseling, Paul de Graaf, Jos Knevel en Rob Zijlstra als overige bestuursleden. De redactiecommissie werd ook al die avond geformeerd. Er werd een prijsvraag uitgeschreven voor het bedenken van een naam. Aanvankelijk werd voor de naam ‘Gambrinus’ gekozen, maar al gauw bleek dat er in Almere ook een brouwersvereniging was opgericht die deze naam al droeg. En dus moest er uitgekeken worden naar een andere naam. Ria van de Voorde kwam met het idee om de vereniging ‘Het Wort Wat’ te noemen. Uiteindelijk is het 't Wort Wat! geworden.

Nu we een voorlopig bestuur, een naam en een clubhuis hadden, konden we eindelijk starten en notaris ‘Kloeck’ te Heemstede werd benaderd om de formele oprichting van de vereniging te begeleiden. Nu de communicatie goed op gang gekomen was, werd er ook alvast een eerste clubavond gepland.

't Wort Wat een feit op 17 oktober 1994

Nadat Theo en Jan het concept van de oprichtingsakte, met daarin de statuten neergelegd, hadden doorgenomen en akkoord waren, reisden beide heren op 17 oktober 1994 af naar het notariskantoor ‘Kloeck’ te Heemstede. Aldaar werd door Theo en Jan de akte ondertekend, waarmee 't Wort Wat! een feit was.

Het zal de laatste vrijdag van oktober geweest zijn als de eerste formele clubavond een aanvang neemt. Dat was dan op 24 oktober 1994. Er hadden zich in de tussenliggende tijd al best veel mensen zich als lid aangemeld. De opening van de avond werd verzorgd door Theo van de Voorde, waarna alle beoogde bestuursleden zichzelf aan de zaal voorstelden en vertelden hoe zij tot het brouwen gekomen waren en wat hun motivatie was om binnen het bestuur een rol te gaan vervullen. Vervolgens werd aan de nieuwe leden gevraagd of het beoogde bestuur in de voorgestelde samenstelling aan kon treden. Die instemming kwam er, en vanaf dat moment kon het bestuur formeel aan de slag tot aan de eerstkomende algemene ledenvergadering.

Ook een vertegenwoordiging van de ‘Roerstok’ uit Tilburg was die avond present. De toenmalige voorzitter feliciteerde ons met de komst van het nieuwe zusje in de wereld van amateurbrouwersverenigingen. Lopende de avond verschenen er nog meer belangstellende mensen en een aantal daarvan kwam zich als nieuw lid aanmelden. Ja, een formulier invullen en tekenen. Zo ging dat toen. Van internet en een eigen site was destijds nog geen sprake. Na nog wat zaken inzake het opgestelde huishoudelijk reglement en het brouwen van bier te hebben doorgesproken eindigden we die eerste clubavond met 53 leden.

't Wort Wat! 25 jaar geleden

't Wort Wat! zag er 25 jaar geleden heel anders uit dan 't Wort Wat! thans. 25 jaar geleden opereerden we eigenlijk nog in een soort van pioniersfase. De clubavonden hadden een vragen-halfuurtje en altijd een vast onderwerp met veelal een spreker. Eigenlijk wel net zoals nu, maar veel minder interactief. De hulpmiddelen waren ook nog erg primitief. Een diaprojector en een overheadprojector met een losstaand diascherm waren de middelen om presentaties te geven. Over een geluidinstallatie beschikten we toen nog niet. En alles ging nog op papier en via de telefoon. Het clubblad werd nog op papier samengesteld en door vader Franken met de hand gedrukt/gestencild, waarna het door de mensen van de redactie weer moest worden opgehaald. Alle bladen adresseren en dan ter post aanbieden. Het clubblad was, op de telefoon na, eigenlijk het enige communicatiemiddel wat ons toen ter beschikking stond. De komst van het internet heeft de activiteiten en de reikwijdte sterk doen toenemen.

In 1996 waren we in staat om een eigen internetpagina tot stand te brengen en werd het logo geïntroduceerd. Later, richting het jaar 2000, hadden leden steeds vaker een computer tot hun beschikking en kwam het communiceren via internet steeds meer in zwang. In 1997 brouwden we als 't Wort Wat! een eerste versie van het Polderbok. Het jaarlijks gebrouwen bokbier, wat nog steeds jaarlijks gebrouwen wordt.

Met het vorderen der jaren namen ook de activiteiten toe, met in 1998 als resultaat het organiseren van het Open Nederlands Kampioenschap voor amateurbierbrouwers. Ook werden er excursies naar het buitenland georganiseerd. In 1999 en 2000 zijn er meerdaagse reizen naar Tsjechië geweest waarin toen heel veel brouwerijen bezocht zijn. In 2002 ben ik nog eens uitgenodigd bij een kookprogramma van RTL4, waarin het brouwen thuis en 't Wort Wat! aan de orde kwamen. Eerder werd er ook nog een presentatie verzorgd in het programma ‘Man bijt Hond’.

Vanaf 2003 trad een bijna geheel nieuw bestuur aan en werd de structuur van de vereniging wat moderner en gestroomlijnder. Kernbegrippen zoals ‘Pijlers’ werden geïntroduceerd. Met name de communicatie naar de leden toe kreeg een behoorlijke positieve impuls. Ook werd er een smoelenboek geïntroduceerd, zodat leden de gezichten van andere leden konden zien. In 2004 kreeg 't Wort Wat! een eigen site, waarmee we voor de leden en de buitenwereld meer open werden.

Met het verstrijken van de jaren zijn de activiteiten intensiever geworden en verbeterd, altijd gericht op het verbeteren van kennis en ervaringen op het gebied van het thuisbrouwen. De twee gezamenlijke brouwdagen per jaar verhuisden van de zolder van de ‘Boerderij’ naar de loods van de familie Duivenvoorden in Lisserbroek, en vinden thans 6 maal per jaar plaats. Het heeft er in de loop van deze 25 jaar ook toe geleid dat thuisbrouwende leden een overstap waagden om het amateurbrouwen te verruilen voor het professioneel brouwen. ‘Klein Duimpje’, ‘Jopen’, ‘Leidsch Blond’, ‘De Lepelaar’ en ‘BEER’ zijn hiervan slechts enkele voorbeelden.

't Wort Wat nu

Ja, er heeft zich een hoop afgespeeld en ontwikkeld sinds 1994. We vieren deze maand dan echt het 25-jarig jubileum. We zijn in die 25 jaar enorm gegroeid wat betreft het aantal leden en de activiteiten die we ontplooien. De cursussen (bierbrouwen en gist) die we geven en de zes gezamenlijke brouwdagen zijn hier onder andere een voorbeeld van. De vele commissies die door leden bemenst worden, vervullen activiteiten die gericht zijn op een goede communicatie met de leden (clubblad, de internetsite, nieuwsflitsen), het verbreden van kennis m.b.t. het thuisbrouwen (lezingen en proeftafels), het helpen verbeteren van hulpmiddelen bij het brouwen, het uitgeven van maandelijkse brouwpakketten, het uitbrengen van een jaarlijks bokbier (Polderbok), het organiseren van het jaarlijks clubkampioenschap, en in voorkomende gevallen het Open Nederlands Kampioenschap (ONK), en de periodieke excursies.

Ja, we zijn in die 25 jaar gegroeid en door ons gamma aan activiteiten een grote, actieve vereniging geworden. We zullen er op de clubavond van aankomende december nog heel even bij stilstaan. Op naar de volgende 25 jaar. Proost!

Terug naar overzicht

Anekdote van een bestuurslid

tww november 2019
Door: Ernst de Moor

Brouwen op Brederode

Onze vereniging bestaat 25 jaar, en daarom ben ik gevraagd om een leuke herinnering op te halen uit de tijd dat ik voorzitter was. Er is in die jaren natuurlijk heel veel gebeurd, maar wat me het meest is bijgebleven, is de gezamenlijke brouwdag die we hadden op kasteelruïne Brederode.

Brouwdag Kasteelruïne Brederode

Het begon met de vraag van de beheerder van de ruïne aan Klein Duimpje, om een tweetal bieren met middeleeuwse kruiden uit te brengen: een donker en een licht bier. Dan komt natuurlijk de vraag welke combinatie van kruiden een goede (verkoopbare) smaak opleveren. Daar hadden we al twee keer eerder een concept voor gebruikt, namelijk voor Jopen (Rock 'n' Roel bier) en voor Restaurant Lieveling (Lievelingsbier). Dat concept konden we hier ook voor gebruiken.

Het idee is dat we tijdens een gezamenlijke brouwdag allemaal hetzelfde bier brouwen, maar dat de brouwers er naar eigen inzicht kruiden in mogen doen. Verder spraken we met de beheerder af dat we de brouwdag binnen de kasteelruïne zelf zouden houden, en dat er een film van gemaakt zou worden.

Op 12 februari 2011 togen we met alle deelnemende brouwers naar de Ruïne van Brederode, in Santpoort-Zuid. Het bleek niet zo'n heel geschikte locatie te zijn voor een brouwdag, en de brouwers hebben dan ook moeten afzien.

De route naar de ruïne gaat over bochtige paden en bruggetjes, langs en over slotgrachten. Dus de brouwapparatuur moest met de hand naar het kasteel gebracht worden. Voor sommige installaties was dat een uitdaging zo zonder kar. Om de dag nog gedenkwaardiger te maken, bleef het ook nog gestaag doorregenen.

Verder bleek water een schaars goed te zijn, er was welgeteld 1 kraan met een net iets te korte tuinslang. Er werd dus druk heen en weer gelopen met emmers water en voor sommige brouwers was het al flink laat voordat ze met het maischen konden beginnen. De branders in de open delen van het kasteel lokten brandganzen aan, die vlogen af en toe letterlijk over een aantal brouwsels heen. Sommige brouwers moesten zich met deksels en roerstokken hiertegen verdedigen. Middeleeuwser kon het haast niet!

Ondanks alle strubbelingen heeft iedereen het toch als een leuke en bijzondere dag ervaren. Weer eens heel iets anders voor een brouwdag. Het heeft ons dan verder ook aan niets ontbroken, zelfs de uitgebreide lunch werd helemaal door de beheerder van Brederode verzorgd.

Later hebben we op dezelfde locatie een keuring van alle bieren gehouden, waarna de beheerder kon kiezen welke bieren uitgebracht zouden worden. Uiteindelijk is voor het donkere bier gekozen voor het bier van Jan Wurpel, en voor het lichte bier dat van Louis van Velthoven.

Al met al konden we terugkijken op een geslaagd en heel bijzonder evenement. Beide keren werden we bijzonder gastvrij onthaald door beheerder Gert Brouwer.

Terug naar overzicht

Herinnering van een voorzitter

tww november 2019
Door: Jan-Willem Fukkink

Rondpompen

Het moet tijdens een clubavond in 2001 geweest zijn, dat we met een groepje leden besloten om een RIMS-brouwinstallatie te gaan bouwen. Onder Amerikaanse thuisbrouwers was RIMS (Recirculation Infusion Mash System) al meer ingeburgerd voor het verwarmen en op constante temperatuur houden van je maisch (beslag). Maar in Nederland waren zulke ‘duivelse’ brouwtechnieken met ‘electronic temperature controllers’, ‘pumps’ en ‘electric heating elements’ nog volstrekt onbekend. In ons kikkerlandje werd nog gebrouwen met een groot uitgevallen soeppan op een gasbrander met een butagasfles ernaast. Roeren in de maischketel deed je op ‘elleboogstoom’ en tijdens een maischrust werd de brouwketel in een hooikist getild om de temperatuur constant te houden.

RIMS
Tijdens de oprichtingsvergadering van het RIMS-team bleek dat we als groep (Bas, Frans, Bart, Walter, Renko en JW) behoorlijk wat kennis en ervaring hadden op het gebied van metaalbewerking, hygiënische installaties en softwarebesturing van real-time processen. Erg handig bij het bouwen van een vrij geavanceerd prototype waarmee we diverse aspecten van het RIMS-brouwen konden uittesten. Uiteindelijk hebben we het RIMS-geloof in het hele land verkondigd door presentaties en demonstraties te geven bij zusterverenigingen zoals De Amervallei (Amersfoort), De Koperen Tsjettel (Bolsward) en Gambrinus (Almere). En we hebben zelfs nog een RIMS-studiedag georganiseerd (in december 2004) waarbij mensen uit heel Nederland naar Hoofddorp kwamen om meer te horen en zien over deze revolutionaire brouwtechniek.

RIMS team
Fast forward naar 2019. De glimmende cilinders met een binnenketel, piepend display, zoemend pompje en soms zelfs Wifi-verbinding zijn niet aan te slepen. Geduldig en automatisch werken de Braumeister, Grainfather, Easybrew en Brew Monk hun brouwprogramma's af. Gemak dient de mens en reproduceerbaarheid is essentieel in de zoektocht naar het ultieme bierrecept. En toch verlang ik nog wel eens terug naar die tijd dat we in de werkplaats van Frans onze zelfgebouwde RIMS voor het eerst aanzetten en het magische beest zo maar uit zichzelf met behulp van een geavanceeerd PID-algoritme de maisch op een constante temperatuur wist te houden. We stonden er vol bewondering naar te kijken…

Terug naar overzicht

Het jubileum van een Jubileumbier

tww november 2019
Door: Ernst de Moor

Jubileum van Jubelator
We schrijven 13 september 1999. Onze mooie brouwvereniging is bijna 5 jaar oud. Voor Winkelcentrum Pax in Hoofddorp brouwen de leden van 't Wort Wat! een speciaal jubileumbier. Het bier wordt gebrouwen in De Boerderij. Het wordt een bokbier van 6.5%, dat een etiket met de naam Jubelator zal krijgen.

We schrijven 2 oktober 1999. De datum van het etiket van Jubelator. Pax viert feest en het door 't Wort Wat! gebrouwen bier wordt uitgedeeld of verkocht (dat is bij de schrijver niet bekend).

We schrijven 2 oktober 2019. Ernst de Moor heeft dankzij een tip van Edwin de Redelijkheid een fles Jubelator weten te bemachtigen. Het bier is precies 20 jaar oud, een jubileum dus. Een bierproefavond met enkele leden van 't Wort Wat moet uitwijzen of het bier de tand des tijds op een positieve manier heeft doorstaan.

Jubelator in het glas

Uiterlijk

Tegen de verwachting in heeft het bier een prachtige schuimkraag. Deze zakt in tot blijvend ringetje. Niet slecht na 20 jaar. Dit gaf toch een beetje hoop op een mogelijk verrassende smaak.

Smaakimpressie

We hadden geen idee hoe de smaak zich over de 20 jaar had ontwikkeld, maar de smaak is duidelijk ‘interessant’ te noemen. Natuurlijk bevat het bier de nodige portsmaak, die zich meestal ontwikkelt bij een wat ouder donker bier. Maar het bier is ook flink zurig geworden. Het geheel geeft de indruk van een Vlaams Bruin, zoiets als Rodenbach. Het zit er zelfs redelijk dichtbij, door die combinatie van veroudering, zuur en donker. Uiteraard is het niet versneden zoals Rodenbach, maar dat mag de pret niet drukken. 

Toch neemt niemand meer dan een paar slokken. En dat komt doordat er te veel tegenstrijdige smaken in zitten. Het zurige van dit bier combineert niet mooi met de moutbitterheid (die in een Bok mooi past) en met de rozijn-achtige portsmaak. De smaak is interessant, maar niet lekker genoeg.

Gezien de oorsprong van deze fles, die op een zolder terecht was gekomen, kun je verwachten dat de bewaar-condities allesbehalve optimaal waren. Het zou interessant zijn te weten hoe dit bier smaakt als het al die jaren op een donkere en koele plek bewaard was geweest. Maar daar zullen we vermoedelijk nooit achter komen.

 

Terug naar overzicht

Geforceerde vergisting

tww november 2019
Door: Theo van Eijden

Je hebt een mooie brouwdag gehad en na 1 week is het eind SG van je Stout nog steeds 1.017, de verwachting was dat je op  1.015 zou eindigen. Is je bier nu klaar of is het nog aan het gisten? Maak je geen zorgen, in een ideale wereld kun je berekenen waar je eind  SG op uit zou komen, maar je gist en het soort suikers in je wort kunnen soms een ander plan hebben. Veel  brouwsoftware berekent een te verwachtten eind SG gebaseerd op de schijnbare vergistingsgraad van de giststam, een gemiddelde vergistbaarheid van de suikers uit de granen en het maischschema dat is gebruikt. Maar zoals altijd er kan van alles geschieden tussen graankorrel en glas.

Dus wat is er aan de hand? Is het een brouwprobleem of een vergistingsprobleem? Moet je de maischtemperatuur wijzigen of voeg je niet genoeg gist toe? Of is het iets anders? Het beantwoorden van deze vragen is mogelijk, het kost slechts een klein beetje nadenken en experimenteren. Het uitvoeren van een geforceerde gistingstest kan je helpen snel antwoord te krijgen en een beter beeld geven waar je probleem ligt.

Geforceerde vergistingstest

Een geforceerde vergistingstest is een snelle manier om de vergistbaarheid van je wort te testen en kan helpen bij het oplossen van problemen als je niet het door je brouwprogramma voorspelde eind SG bereikt. Het duurt slechts ongeveer 30 minuten om deze test op te zetten en laat je binnen ongeveer twee dagen weten waar je bier maximaal naar toe kan vergisten. De enige voorwaarde is dat je moet starten wanneer je je bier aan het brouwen bent, en niet nadat je met een onvoldoende uitvergist bier zit.

Wat heb je nodig:

  • Erlenmeyer of glazen pot van 1 liter
  • Aluminium folie voor afdekking
  • Roerplaat
  • Magnetische roerstaaf
  • Hydrometer / maatcilinder
  • ≈500 ml wort
  • Gist 15-25 ml - gebruik dezelfde gist die je voor de hoofdgisting gebruikt of 3 gram droge gist.

De test uitvoeren

Verzamel  ≈500 ml gekoelde wort uit je gistvat. Als je de gist al hebt toegevoegd is dat geen probleem; voeg er gewoon meer aan toe. Zorg ervoor dat je schoon werkt zodat je geen besmetting krijgt in je  monster.

Giet ongeveer 100 ml van je monster in een maatcilinder en lees  deze met een hydrometer af. Zorg ervoor dat deze waarde overeenkomt met wat je hebt gemeten in het gistvat. Nogmaals, je wilt namelijk dat het geforceerde gistmonster representatief is voor je wort in de hoofdvergisting. Soms is dit niet het geval doordat het wort in het gistvat niet goed is gemengd. Voeg de roerstaaf en gist toe aan het resterende 400 ml monster in de erlenmeyer. Voeg voldoende gist toe, als vuistregel 5 tot 10 maal de hoeveelheid in je hoofdvergisting. Als je gebruik maakt van korrelgist is dat ongeveer 2 à 3 gram. In geval van gist-slurry is dat moeilijker te bepalen omdat het ook het wort iets verdunt. Zorg er in ieder geval voor dat je een dikke slurry toevoegt, maar 15 tot 25 ml is voldoende (ongeveer 1 eetlepel). Je moet er dus voor zorgen dat je meer dan voldoende gist toevoegt om onvolledige gisting vanwege onvoldoende of gestresste gist uit te sluiten. Zet je roerplaat aan en zet deze op een warme  plaats, bij voorkeur rond de 25 graden. De warmte helpt het proces te versnellen, maar is niet van vitaal belang. Toevoegen van  veel gist en continu roeren zal een veel snellere gisting tot gevolg hebben dan je vat met gistend bier. Na 36 tot 48 uur is het wort uitvergist; voer een SG meting uit.

Resultaten beoordelen

Nu weet je wat je kunt verwachten van de hoofdgisting in je gistvat. Als de geforceerde vergisting niet eindigt zoals je zou verwachten, neem dan een dag later nog eens een meting voor het geval het wort niet klaar is met gisten. Als het nog steeds niet is wat je volgens de berekening had bepaald, heb je een probleem aan de brouwzijde en heb je niet genoeg vergistbare suiker gemaakt om je doel te bereiken. De volgende maal dat je ditzelfde bier gaat brouwen,  zal je een aanpassing moeten doen. Misschien was de maischtemperatuur niet juist, je thermometer heeft een afwijking, er is niet juist geschroot met de schrootmolen, ondergemodificeerde mout, enz. Je hebt nog geen definitief antwoord, maar weet dan wel waar je het moet zoeken.

Als de geforceerde gisting eindigt waar het hoort, maar je hoofdgisting niet, dan heb je een vergistingsprobleem. Oorzaken hiervoor kunnen zijn dat je niet genoeg gist hebt toegevoegd, onvoldoende zuurstof bij de start van de vergisting, geen ideale temperatuur voor de giststam, of een ongezonde gist. Bekijk je aantekeningen en breng de nodige wijzigingen aan voor de volgende batch. Zorg ervoor dat je eventuele wijzigingen noteert, wat werkte en wat niet werkte. Deze test kan helpen een vastgelopen vergisting uit te sluiten.

Bronnen

Terug naar overzicht

Ben Bierbrouwen

tww november 2019
Door: Ben Jacobs

Het einde van het jaar nadert al weer, veel vocht en kou in de lucht. Buiten brouwen wordt laveren tussen droge en natte periodes in.

Veel regen? Dan ook weer tijd om te lezen. Ik vond een artikel van Jacques Bertens in het blad van de Roerstok over zijn bezoek aan de 3e Dutch Craft Beer Conference. Hij schreef over een lezing die hij bijwoonde, welke handelde over Mycotoxinen in bier. Als bioloog ga ik dan even rechtop zitten. Want wat is er dan aan de hand, vraag je je af. Mycotoxinen zijn afkomstig van schimmels. Zij kunnen, onder de juiste condities, organisch materiaal consumeren en dan stijgt ook het mycotoxine niveau in bijvoorbeeld het graan waar het dan op zit. Tja, waar moet je als leek aan denken: je kunt het vergelijken met het eten van een giftige paddenstoel. Dat wil je niet in je bier hebben. En het lastige is, als ik het goed begrijp, dat deze stoffen zeer resistent zijn in de voedselketen en verhitting, wat wij doen bij het brouwen, geen invloed heeft op deze stoffen.

Dus wanneer je mout koopt waarop zich bepaalde schimmels bevinden, dan komen er Mycotoxinen (diverse soorten, waarvan meest voorkomend deoxynivalenol, DON) in je bier terecht. Onderzoek in Wageningen toonde aan dat in veel (craft)bieren DON aantoonbaar aanwezig is. Tot wel in 83% van bijvoorbeeld alle gecontroleerde Russian Imperial Stouts. Beperkte gezondheidsproblemen is bij 29% van deze bieren te verwachten, in de vorm van misselijkheid en braken (dus heb je na een nachtje doorzakken hier last van, dan lag dat vast aan de giftige stoffen van je lekkere Stout, ja toch?). Ook opmerkelijk: klaarblijkelijk komen vooral door donkere mouten meer mycotoxinen in bier. In zure bieren, saisons en lichte ondergistende bieren komt het weinig voor.

Jacques geeft ons zelfs de site aan waar het volledige rapport te lezen is: https:/journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371/journal.pone.0185887.

Een van de zaken die ze daarin aanstippen bij de conclusies is dat het tijd wordt om een maximum aan DON op te leggen, dat in bier zit. Terecht, denk ik.

Blijft de vraag waarom er op donkere mouten meer toxines zitten. Daar kwam men tijdens de discussie op het congres niet uit. Alle granen kunnen het bevatten, hop mogelijk niet. En deze stoffen zijn zeer resistent, en overleven zelfs het eesten bij hoge temperaturen.

Toch maar Proost, Ben

Terug naar overzicht

Weer eens wat nieuws

tww november 2019
Door: Dennis van Rijswijk

De Catalyst Hero 2
De Catalyst Hero 2
Enkele jaren geleden, in 2016 om precies te zijn, introduceerde het Amerikaanse bedrijf Craft a Brew  de Catalyst op de crowdfundsite Kickstarter. Ze waren daarmee een van de eerste bedrijven die conische vergistingsvaten voor de gewone man bereikbaar maakten. De Catalyst is nog steeds verkrijgbaar (o.a. bij Brouwland/Brouwmaatje) en wellicht het mooiste feature is dat hij in de vaatwasser kan.

The Stasis glycol koeler
The Stasis is een compacte glycol koeler die gelijktijdig twee fermentatievaten op temperatuur kan houden en koelen tot maximaal 2°C
Zoals gezegd maakt Craft a Brew professionele apparatuur en oplossingen beschikbaar voor de thuisbrouwer. Zo ook hun nieuwste project waarvoor ze, wederom op Kickstarter, geld ophaalden: the Stasis. The Stasis is een compacte glycolkoeler die gelijktijdig twee fermentatievaten op temperatuur kan houden en koelen tot maximaal 2 °C. Door de koelvloeistof gescheiden rond te pompen is het mogelijk om deze twee vaten op verschillende temperaturen te houden. Ook maakt het, volgens Craft a Brew, niet uit wat voor soort vergistingsvat je gebruikt: emmers, (conische) RVS vaten, uiteraard de eigen Catalyst maar ook mandflessen. Al is het niet duidelijk hoe de koelspiraal door de smalle hals van die laatste kan worden gestoken.

Zoals wel vaker hangt er een heftig prijskaartje aan. De pre-sale prijs is US$659 (€595). Wel kan je de extra koelkasten in de schuur of op zolder op marktplaats verkopen. Ook hoef je niet meer de werken in die koude schuur of garage, het apparaat kan immers enkel koelen. Vergisten binnenshuis is dus het devies. Meer informatie: www.craftabrew.com.

AH Mini suikerklontjes
AH Mini suikerklontjes
Het aantal mooie en innovatieve producten dat in de Verenigde Staten worden bedacht om het leven van de thuisbrouwer te vereenvoudigen of verbeteren blijft indrukwekkend. Zijn er in Nederland geen producenten van dergelijke producten? Jazeker!

Recent stuitte ik op een product dat oxidatie kan tegengaan en het leven van de hobbybrouwer vereenvoudigt en tijd & geld bespaart. Alhoewel er al een vergelijkbaar product op de markt beschikbaar was, heeft dit product als voordeel dat het vele malen goedkoper is. De mini-klontjes van Albert Heijn zijn verkrijgbaar in 2 en 3 gram per klontje en zijn zeer betaalbaar (2-grams verpakking van 300 gram kost €0,69). De smalle klontjes passen perfect door de hals van een flesje. Voor het beste resultaat gebruikt men de klontjes in ‘vers’ omgespoelde flessen zodat het klontje in het kleine beetje restwater kan oplossen.

Om een 33cl flesje van voldoende koolzuur te voorzien volstaat de variant van 2 gram, alhoewel minder dan de veelal aanbevolen “7 gram / liter”, uitstekend. De druk loopt, na enkele weken op kamertemperatuur, op naar ongeveer 3,2 bar bij gebruik van een 2-grams klontje.

De 3-grams variant leent zich uitstekend voor bijvoorbeeld een tripel. Op dit moment heb ik er een tripel op fles die, na 2 weken, de 3,8 bar aantikt. Wederom op kamertemperatuur. Meer informatie: www.ah.nl.

Terug naar overzicht

Delirium, november 2019

tww november 2019
Door: Peter Hompe

Schrader

Wij hebben een abonnement op Netflix. Soms denk ik wel eens dat het duur is voor wat we kijken. Dat geldt trouwens ook voor ons abonnement op televisie. Te duur voor wat we kijken. Eigenlijk kijken we het meeste naar de Engelse televisie. Dat kan omdat we een schotel hebben hangen, met een paar LNB’s erin, waarvan één de Engelse kanalen oppikt. Het gekke aan de Engelse televisie is overigens dat het gratis is. In Engeland kun je dat op twee manieren uit de lucht pikken: met een schotel (free to air) en via de ether (free to view). De ene is encrypted en de andere niet, maar ze zijn allebei gratis te bekijken. In Engeland, want in Nederland ontvangen we alleen het satellietsignaal natuurlijk. En dan beschik je ineens over iets van 30-40 kanalen Engelse televisie, waaronder BBC. Maar BBC (BBC1 en 2 en BBC first) hebben we in Nederland natuurlijk in de meeste abonnementen zitten. Om een lang verhaal kort te maken, wij kijken dus het meest naar de Engelse televisie.

Maar Netflix biedt natuurlijk ook verschrikkelijk veel content. Ik vind het alleen een beetje een chaos. Moeilijk om de mooie programmaꞌs of series eruit te pikken. Eén serie die ik gekeken heb, is Breaking Bad. In de eerste instantie leek het me niks, maar het werd steeds leuker. Uiteindelijk heb ik echt genoten van deze serie. Het gaat om een Walter White, een scheikundeleraar, die een keer meegaat met zꞌn zwager, die bij de Drugs Enforcement Administration zit en een Meth lab gaat ontmantelen. Na het zien van de amateuropstelling voor het maken van de Meth én het zien van een ex-leerling van hem die nou niet echt een ster in scheikunde was, bedacht Walter dat hij veel betere Meth zou kunnen maken. Dan volgen alle mogelijke en vooral onmogelijke verwikkelingen. Ik vond het een leuke serie.

Nou heb ik wel eens eerder verteld dat er allerlei niet bestaande bieren voorkomen in films en series. Ik gaf toen al aan dat Duff, Homer Simpsonꞌs bier, in het echt als energy drankje verkocht wordt door de 7-Eleven keten in America. Maar wie schetst mijn verbazing toen ik laatst in de Lidl stond en daar een blikje Duff bier aantrof. BIER dus, geen energy drank. Hè??? Een blikje echt Duff bier? Meegenomen. Zo zie je maar, ik had jullie al eerder over het spul bericht en nu is dat gewoon weer een achterhaald verhaal. 

Er zijn daarna namelijk nog een aantal brouwerijen geweest die Duff bier op de markt hebben gebracht. In Australië, Nieuw Zeeland (en die hadden het al nog voordat Homer op de buis was), en later in Mexico nog een keer. Telkens kwam 20th Century Fox in actie en klaagde die brouwerijen aan. Maar omdat het een lastig verhaal bleek om brouwerijen aan te klagen, terwijl je zelf niet eens een echt biertje hebt, zijn ze uiteindelijk zelf het Duff spul maar op de markt gaan brengen.

‘Duff, the beer that makes the day fly by’, is één van de slogans die gebruikt wordt voor het spul. Er zijn er nog een paar: Can't Get Enough of That Wonderful Duff’ en ‘It's Always Time For Duff’ en bijvoorbeeld ‘Now Leaving Duff Country’. De Wikipedia omschrijft het als volgt: ‘it is a parody of stereotypical mass-market American lager: cheap, poor-quality, and heavily marketed’. ꞋNuff said, zou ik zo zeggen. Het wordt op o.a. Ratebeer beschreven, maar recensenten zijn het er vooral over eens dat het nietszeggend pilsje is. Deze wordt in dus Duitsland gebrouwen en dat is waarschijnlijk ook de reden dat ik het bij de Lidl zag staan.

In hetzelfde stukje dat ik eerder schreef over niet bestaande bieren (nummer 30), had ik toen ook al aangegeven dat er Schraderbräu gemaakt werd in de serie Breaking Bad. In de serie maakt Hank Schrader het bier zelf en hij herinnert Walter nog een keer aan een eerdere batch Schraderbräu zo in de trant van: ‘weet je nog, dat biertje van toen? Dat was een gouwe ouwe!’ terwijl ze op dat moment wel iets drinken, maar geen bier van Hank. Wat later in de serie zie je Agent Hank Schrader een nieuwe batch biertjes bottelen in zijn eigen garage, onderwijl een deuntje zingend over Schraderbräu. En nog later doneert hij een sixpack van zꞌn biertjes als prijs bij een ‘fundraiser’ bij de geconstateerde kanker van zꞌn zwager, Walter White.

Het leukste komt echter nu pas. De acteur die Hank Schrader speelt in die serie, blijkt in het echte leven Dean Norris te heten. En in het echte leven blijkt hij ook echt een amateurbrouwer te zijn. Dus wat heeft Dean nu gedaan? Hij is het echt gaan brouwen en heeft het ook aardig opgeschaald. Althans, hij laat het brouwen in de Figueroa Mountain Brewing Co., Buellton, Californië. Zelfs Sony werkt eraan mee. Er is al een heuse website voor opgezet, geheel in stijl van de serie. Zie https://schraderbrau.com/. Zo te zien kun je er nu al biertjes kopen in een PreSale, al is me niet duidelijk of ze naar Nederland gaan sturen en hoe lang zoiets gaat duren. Misschien gaat ze het hier nog ergens in licentie brouwen.

En zoiets als dit roept ook meestal nog andere zaken op die door mensen worden opgezet om er een graantje van mee te pikken. Zo zag ik op internet ook al T-Shirts te koop, met Schraderbräu erop. Het wachten is nu op de viltjes, tapknoppen, bardoekjes, barkrukken, dienbladen, kroonkurken en pakken speelkaarten. Ik hoop in ieder geval nog eens in het echte leven een Schraderbräu biertje te kunnen proeven…

Proost!

Terug naar overzicht